|
De sport waarbij je
doordraait |
 |
|
|
Een artikel van Annemieke
Heller uit Nieuwsvallei.nl |
|
28 December 2015 |
 |
De wereld draait, armspieren
spannen aan en voeten hebben
moeite met de zwaartekracht
wanneer het lichaam op de
kop hangt. Een eerste keer
in het rhönrad zorgt voor
spanning en het kijken
ernaar eigenlijk net zo
goed. Niet veel mensen
kennen het rhönradturnen en
er zijn maar zo’n 25
gymnastiekverenigingen in
Nederland die er lessen in
aanbieden. Sportinnovatie is
bij hen dan ook geen
vanzelfsprekendheid.
Gele tl-buizen verlichten de
gymzaal. De raderen staan al
klaar. Zolen piepen op de
vloer van de gymzaal en de
groep sporters warmt vast
hun spieren op. Jonge meiden
zijn het, die dit eigenlijk
vooral voor de lol doen. Het
is dan ook een educatieve
les. Niet veel later begint
het spektakel.
Het rhönrad werd bijna
honderd jaar geleden
ontwikkeld door Otto Feick.
Als zoon van een smid,
bedacht hij het ijzeren rad
in zijn tienerjaren om van
heuvels af te rollen. Karin
van der Lingen, de trainer
van de groep van vandaag,
roept af en toe wat
aanwijzingen naar de
sporters en haar assistent
terwijl ze vertelt. “Toen ik
net begon in 1986, waren er
nog maar heel weinig mensen
die aan rhönradturnen deden;
zo’n acht tot tien denk ik.
Ik leerde het kennen op een
zomerkamp, maar toen Saskia
van Bruxvoort begon met een
jongerenles, ging het al
gauw snel en merkten veel
kinderen hoe leuk ze de
sport vonden.”
Smid
Saskia van Bruxvoort is net
als Karin een trainster bij
DOK Ede, één van de weinige
gymnastiekverenigingen in
Nederland met rhönradturnen
binnen hun repertoire. Zij
heeft de passie voor de
sport van haar vader Johan
de Jong, toen hij in 1972 de
enige twee raderen in
Nederland bij sportpedagoog
Rein Bloem tegenkwam, liet
hij een eigen maken bij de
Edese smid.
De
raderen in de gymzaal
draaien verder. Er wordt
gegrapt en gelachen, maar
ook goed opgelet. Een kleine
misstap en je valt met een
knal op de grond. Het maakt
een leuk geluid, dat
draaien, en het is
verwonderlijk. Het verbaasd
me hoe iets er heel spannend
en tegelijk heel makkelijk
uit kan zien. Het is alsof
de sporters zweven in de
ringen. |
 |
Berthien bekijkt de show
vanaf de kant tot ze zelf
weer aan de beurt is. “Ik
kwam via via in aanraking
met het rhönraden en
inmiddels doe ik het al zo’n
tien jaar. Niet
professioneel hoor, gewoon
voor de lol op recreatief
niveau.” Dan roept ze
ineens: “ja!” Ze reageert op
Karin, de trainer. Die
opperde om verder te gaan
met springen en dat heeft
Berthien’s voorkeur. Ze
draait zich naar me terug
"Zou jij het niet eens
willen proberen?"
Op dat moment komt de
assistent-trainer erbij en
voor ik er goed en wel erg
in heb, sta ik in het rad.
Mijn voeten worden vastgezet
en ik moet opletten dat ik
mijn tenen naar buiten draai
en de voorkant naar mijn
voet naar beneden blijf
drukken. Ook wanneer ik
draai en dat is geen
gemakkelijke opgave, de
zwaartekracht zorgt ervoor
dat ik als vanzelf alle
kracht laat gaan waardoor ik
het gevoel heb dat ik zo uit
het rad kan slingeren. Ik
word gauw gestopt en krijg
een tweede kans. Nu gaat het
beter. Het is een rare
ervaring om zo de wereld te
zien ronddraaien terwijl je
bewust bezig moet zijn met
je lichaam, anders val je.
Ik adem even rustig uit als
ik even later weer veilig op
de bank aan de zijkant van
de zaal zit.
De dikke rode mat die al die
tijd rechtop tegen de muur
stond, valt met een knal op
de grond. De oefeningen
kunnen beginnen. Een grote
aanloop moet de meisjes
genoeg vaart geven om vanaf
de grond op het rhönrad te
springen. Ze helpen elkaar
door vervolgens per twee
voor de derde het rad
richting de mat te draaien.
Zo kan er makkelijker van
het rad op de mat gesprongen
worden. Berthien begint
enthousiast de eerste ronde.
Armoedig
Die sprongen waar Berthien
zo van houdt, zijn ook
gelijk de pijler waarop de
innovatie van de sport rust.
Geld voor innovatie is er
niet, omdat het een
onbekende sport is. De enige
verbeteringen die aan het
rad worden gedaan, worden
door de smid verzonnen
terwijl hij er aan werkt.
“De handvatten zijn intussen
wat ronder geworden en er is
een coating om het rad
gekomen. Vroeger draaiden ze
er alleen buiten mee, dan
was een coating niet nodig.
Voor binnen is dat wel
handig”, weet Karin. Ze is
weer gaan zitten en bekijkt
haar leerlingen. |
 |
In de sprongen kan wel
vernieuwd worden. Eigenlijk
kan iedereen een sprong
verzinnen. Eén zo’n
succesvolle sprong komt van
Sven Bruxvoort. De zoon van
Saskia de Jong. Inderdaad,
het rhönradvirus is in de
familie nog niet uitgewerkt.
“Ik had ‘s nachts een droom
over een sprong en wilde
weten of hij ook in het echt
mogelijk zou zijn, dus ik
bleef trainen en op een
gegeven moment lukte het.”
Wanneer een sprong is
gelukt, moet hij voorgedaan
worden op een wedstrijd
zodat de jury kan zien of
het werkelijk haalbaar is.
Ook moet hij gefilmd worden
waarna de jury beslist
hoeveel punten de sprong
waard is. De Brux, zoals hij
hem genoemd heeft, klinkt in
elk geval niet makkelijk:
“Mijn sprong is een salto in
het rad. Hiervoor moet je
snel draaien en je erg klein
maken, met een schommel je
rad in beweging krijgen en
vaart maken, dan zet je af,
maak je een salto en land je
op het rad.” |
Instagram
Dat er weinig
rhönradverenigingen zijn op
de wereld, wil niet zeggen
dat er geen grote
wedstrijden zijn. Ook binnen
deze sport zijn er
wereldkampioenschappen. Sven
deed er al aan mee en er
zijn er meer met die droom.
Saskia vertelt: “Vier
leerlingen van mij wilden
graag trainen voor het WK,
we hebben het geprobeerd,
maar het was helaas nog te
vroeg voor ze en we hebben
besloten niet te gaan. Over
een aantal jaar proberen we
het weer. De meiden zijn wel
erg goed, ze hebben een
eigen instagramaccount
rhonrad.dok waar ze hun
kunsten delen." De laatste
sprong wordt gemaakt, het is
nu echt tijd om te gaan. De
meiden rollen hun raderen
aan de kant en gymschoenen
verlaten piepend de zaal.
Met één druk op de knop
dooft het gele licht; de
training zit er weer op voor
vandaag. |
►
Bekijk
hier
het originele artikel op
Nieuws Vallei.nl .
© Bericht: Annemieke Heller.
Foto's: Annemieke Heller.
® Reacties: schrijf in ons
kwetterboek. |
|
|
|